Search
Search

Column: Lang leve het Buurtfeest!

Ze zitten met z’n allen onder kleurige vlaggetjes, meestal in een witte tent van de Macro, pijpjes bier en een glaasje wijn, hapjes van Ans uit De Thij, een stokbroodje en een speklapje en er zijn er altijd wel een paar die even gek willen doen of iets raars aantrekken voor de onvermijdelijke act.
Het Buurtfeest. Ik schrijf het met een hoofdletter, want het is een belangrijk fenomeen. Dat wil zeggen: ik heb er niets mee en ga er ook niet naar toe, maar, ik zeg maar: ik ben wel heel blij dat ze er zijn. In mijn straat doen ze elk jaar hun uiterste best een leuk feestje te organiseren. Er glijdt al een paar jaar een uitnodiging in de bus. Alleen dit jaar belde of appte de buurvrouw. Of ik nog op het straatfeest kwam. Mijn antwoord was als al die jaren ervoor: ‘Ach nee, ik ben geen feestvarken en geef er niets om. Maar ik vind het heel goed dat het gehouden wordt. Mensen leren elkaar beter kennen, het is goed voor de cohesie in straat, buurt en wijk. Veel plezierrrr!’
En of het zo zijn moest vertelden onlangs de bewoners van De Industrieel me tijdens het koffie drinken in Stakenboer welk een geweldig Buurtfeest ze hadden gehad. Natuurlijk luisterde ik aandachtig. Ben en Els Kamphuis, die in het appartementencomplex aan de Kistemakerstraat wonen, nemen al een hele tijd zoveel mogelijk buren mee naar de boerderij. Geweldig vind ik dat, ze hebben de huiskamer van de wijk echt ontdekt. Nu waren bijvoorbeeld Henk en Ria Oude Alink van de partij maar ook Frits Nijhuis met zijn vrouw. Ria vertelde dat ze via het Buurtinitiatief een deugdelijke tent hadden kunnen kopen, met de nadruk op deugdelijk. ‘Zo zitten we altijd droog en uit de zon.’
Echtgenoot Henk vulde haar aan: ‘Bij kringloopwinkel De Beurs hebben we met korting tafels en stoelen gekocht. Van een relatie kregen we kunststof glazen. Dat wordt mogelijk nog aangevuld met deugdelijk serviesgoed. We kunnen hier jaren van genieten.’ Klinkt goed toch. Het was de jongste bewoner Laut, die de feestlocatie mocht openen. Na een oproep kwam een naam uit de koker voor tent en feest: KOM ER IN! Ze schrijven het daar in De Industrieel met hoofdletters, een teken dat het een voornaam feest is.
Zware regens teisterden het tentdak, maar dat doorstond alle beproevingen. Ieder bracht zijn en haar eigen drinken mee, zodat de beurs alleen getrokken hoefde te worden voor de kosten van het buffet. ‘Het lekkere buffet’, benadrukte Els Kamphuis. Ik vind het mooi. Binnen Kansrijk Berghuizen, waar ik de secretaris van ben, hebben we wel eens over het Buurt- en straatfeest gesproken. Althans, mijn  kompaan sinds vele decennia Wim Olde Kalter zei tijdens een evaluatie en een vooruitblik: ‘Ik gun elke straat in Berghuizen een straatfeest.’ Wim weet waar hij over praat. Immers, in de Burgemeester Eekhoutstraat geven ze met hun straatfeest sinds jaar en dag het goede voorbeeld.
In de Industrieel smaakt het feestje in elk geval naar meer, zo maakten de bewoners me wel duidelijk. Ze gaan op  zoek naar nog meer stoelen en een geschikte barbecue, want ze willen de tent graag vaker gebruiken dan één keer per jaar. Voor dit doel werd gul gestort in een donatiebus. Ik val in herhaling als ik zeg dat ik dit mooi vind. Het draagt bij aan een fijne en leefbare wijk en daar doen we het toch voor. Lang leve het Buurtfeest! Overigens blijf ik bij mijn standpunt. Als er in onze straat weer zo’n feestje is, wens ik iedereen veel plezier maar kies ik zelf toch weer voor een mooi boek.