‘Ik ben twee keer per dag in de volkstuin’

op zondag 19 juli 2020
Voor Oran Kaya is zijn volkstuin in Zuid-Berghuizen een hele uitkomst. Want anders kan hij in deze Coronacrisis bijna nergens naar toe. Het theehuis aan de Lyceumstraat is gesloten en in de moskee zijn de activiteiten tot een minimum beperkt.

Oran Kaya in zijn klein bemeten doch gezellige kasje. Hij kweekt er zijn tomaten, bergt er zijn gereedschap op en rookt er een sigaretje.

Dus is Oran (73) meestal wel twee keer op een dag in zijn volkstuin tussen Stakenbeek en spoor. Hij is een van de weinigen met een tomatenkasje in zijn ca. 75 m2 grote tuin. Daarin heeft hij wat stoeltjes staan, een tafeltje om de sigaretten op te leggen en bovenin hangt zijn tuingereedschap. Hoog en droog. En natuurlijk teelt hij er zijn tomaten, die echter nog niet rijp zijn voor de oogst. Oran, die in de textiel in Hengelo werkte, is blij met zijn tuin. En een beetje trots op zijn producten is hij ook wel. Natuurlijk heeft hij aardappelen, sla en slaboontjes maar iets meer naar de Turkse keuken natuurlijk tomaten, komkommers en paprika’s. En druiven. Hoewel nog klein en groen hangen ze in trossen naast de deur naar zijn kasje.
Oran Kaya woont in De Thij. Maar hij heeft ook jaren in onze wijk gewoond. Thuis is zijn Nederlandse vrouw Leonie – ‘ze is van Heideman van de Oude Ootmarsumsestraat en we zijn al 43 jaar getrouwd’ – blij met alles wat haar man meebrengt uit de tuin. ‘We maken vaak samen eten. Zowel Nederlands als Turks’, vertelt Oran. Niet alleen hij en zijn vrouw eten lekker uit de tuin, ook zijn zonen Ilan en Tarik zijn er gek op en familie en kennissen krijgen regelmatig iets mee. Oran: ‘De volkstuin is echt mijn hobby. Mijn enige hobby ook. Wat moet je de hele dag thuis doen? Dat is niks voor mij.’ Al een jaar of 15 werkt hij in zijn tuin. Onkruid verwijderen, de planten verzorgen, water halen uit de beek. Voor zijn gemak heeft hij een grote jerrycan met een pompje, zodat hij na gedane arbeid zijn handen kan wassen.
Meestal komt Oran met de auto naar de tuin. Na een maagoperatie mag hij van zijn arts niet meer fietsen. Hij wordt door zijn collega’s in de tuin omschreven als een kundig volkstuinder. Als het regent schuift menigeen graag even aan in zijn kleine kas. Maar Oran vindt de tuin niet meer zo gezellig als enkele jaren geleden. ‘Ouderen zijn weggevallen en er zijn nieuwe mensen bijgekomen.’ Desalniettemin blijft hij komen, in voor- en hoogseizoen zoals nu zoals gezegd elke dag twee keer. Want zijn volkstuin, nee, die wil hij voor geen geld van de wereld missen.

Tekst en foto: Felix Nijland

Deel op Facebook

Nieuws automatisch ontvangen?

Volg onze Facebook pagina.